Als zijn ouders na de vliegramp van Biak in 1957 worden vermist, wordt de dan negentienjarige Herman Hazelaar liefdevol opgenomen door zijn flamboyante oom Oscar, een niet onbemiddelde vrijgezel. Herman groeit uit tot zijn persoonlijke assistent. In 1960 neemt oom Oscar hem mee op een rondreis door Sicilië.

In Palermo ontmoeten zij de bevallige Antonella Antonini, een onderzoeksjournaliste van het dagblad L’Ora. Door haar artikelen over de Cosa Nostra wordt zij met de dood bedreigd. Antonella is nogal gecharmeerd van Oscars droge humor en mede door de spanning waaraan zij blootstaat, gaat zij al snel op zoek naar zijn volle aandacht. Een trip met een luxe jacht op de Middellandse Zee pakt zij met beide handen aan om met Oscar en Herman Sicilië te ontvluchten.

Verkrijgbaar als paperback en Kindle ebook

Leesfragment

Nadat Oscar Hilarius, zijn neef Herman Hazelaar en notaris Van Duinen op een avond in november 1960 het Rex Theater in Rotterdam hebben bezocht, vertelt Van Duinen enthousiast dat hij door zijn Amerikaanse zakenvriend Jonathan Tripper, eigenaar van een rum estate, is uitgenodigd voor een verblijf in zijn riante villa op Jamaica.

Oscar, zijn levenspartner Antonella Antonini en Herman vertrekken op hun beurt naar Cuba voor een verblijf in het statige Hotel Nacional de Cuba in Havanna. Bij aankomst wordt Oscar aangesproken door de receptionist van het hotel. Er is telefoon voor hem geweest uit Jamaica. Als Oscar terugbelt, vertelt Van Duinen dat zij zijn uitgenodigd voor een heuse party in Jonathan Trippers villa. De vliegtickets voor de heen- en terugvlucht worden geregeld.

Kort na aankomst vertelt Jonathan dat hij wordt gechanteerd. Iemand dreigt zijn rum te vergiftigen als hij niet met een grote som geld over de brug komt. Voordat Oscar het probleem kan oplossen, maakt hij eerst kennis met Obeah, de Jamaicaanse variant van voodoo, rastafari en leert hij de rumba.

Verschijningsdatum: juni 2017

Leesfragment

error: Inhoud is beschermd!